Virussen maken chronische darmziekten erger

Virussen maken chronische darmziekten erger

Delen:

Een tot twee procent van de Vlamingen en Nederlanders lijden aan een chronische inflammatoire darmziekte (IBD, naar de Engelse afkorting). Het gaat meestal om de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa. Ze hebben voortdurend onstekingen aan hun darmen, wat leidt tot buikpijn, diarre, vermoeidheid en koorts.

Er is niet één oorzaak van IBD’s. Het gaat om een complex samenspel van genetische aanleg en omgevingsfactoren. Uit eerder onderzoek bleek al dat het microbioom – de bacteriën in de darmen – een rol speelt. Het immuunsysteem gaat in overdrive als reactie op deze bacteriën. Maar ook virussen zijn belangrijk, zo blijkt nu uit nieuw onderzoek.

Amerikaanse onderzoekers gebruikten darmweefsel van gezonde mensen en van mensen met IBD’s, om er virus-achtige deeltjes mee te maken. Vervolgens stelden ze muizen en menselijke macrofagen bloot aan dat ‘viroom’. Macrofagen zijn onderdeel van het immuunsysteem: ze ruimen schadelijke cellen op.

Doelgerichte eliminatie

Het resultaat? Bij gezonde muizen onderdrukten de virussen ontstekingsreacties. Maar bij muizen waarbij de onderzoekers IBD opwekten, maakten de virussen de symptomen erger. De menselijke macrofagen reageerden op dezelfde manier. Werden ze geconfronteerd met virussen uit IBD-weefsel, dan wekte dat een ontstekingsreactie op. Ging het om virussen uit gezond weefsel, dan gebeurde dat veel minder.

‘Onze bevindingen suggereren dat virussen in gezonde darmen kunnen helpen om immuniteit op te bouwen’, schrijven de onderzoekers in hun paper in het vakblad Science Immunology. ‘Niet alle virussen zijn dus gevaarlijk.’ Het onderzoek zou hoop kunnen bieden op nieuwe behandelingen tegen IBD’s, met het viroom als doelwit. ‘Doelgerichte eliminatie of vervanging van virussen is een nieuwe strategie om darm- en immuunziekten breder te behandelen’, klinkt het.

Delen:

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

Antibioticaresistentie is een van de grootste uitdagingen voor de geneeskunde. Door systematisch DNA-fragmenten uit antibioticaresistente bacteriën uit te schakelen, kunnen we achterhalen welke genen essentieel zijn voor hun overleving. Sommige van die genen maken bacteriën misschien opnieuw gevoelig voor antibiotica wanneer ze worden uitgeschakeld. Die kennis helpt onderzoekers om sneller doelgerichte therapie te ontwikkelen en zo de groeiende crisis voor te blijven.

Wereldwijd doemen steeds meer bacteriën op die zich niet langer door antibiotica laten tegenhouden. Om deze gevaarlijke infecties te bestrijden, richten onderzoekers hun pijlen nu op speciale virussen die de ziektekiemen alsnog uitschakelen, zogeheten bacteriofagen. Ondanks dat artsen ze al decennia als therapie kunnen gebruiken, heeft hun toepassing een apart randje: ze moet zichzelf nog steeds bewijzen.

Vrouwen leven langer dan mannen, maar vaak minder lang in goede gezondheid. Rond de menopauze lijkt er iets te kantelen: niet alleen in de hormonen, maar in het hele lichaam. Steeds duidelijker wordt dat de eierstokken hierin een grote rol spelen. Maar hoe precies? In Berlijn onderzoeken wetenschappers een diertje dat hier meer inzicht in geeft: de naakte molrat.

Wie een leven lang gezonde keuzes maakt krijgt toch soms kanker. En wie er alle mogelijke kantjes vanaf loopt soms niet. In zijn boek Waarom we kanker krijgen en wat we eraan kunnen doen legt Philippe Westerlinck, radiotherapeut-oncoloog en wetenschappelijk onderzoeker aan het Universitair Ziekenhuis in Luik, in detail uit hoe dat komt en waarom het vaak de moeite loont om te proberen je risico te beperken.

Voor vrouwen die door vulvakanker een deel van hun clitoris kwijtraken, is nu eindelijk een reconstructie mogelijk waarbij ook de seksuele functie behouden blijft.

De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 wordt gezamenlijk toegekend aan Karl Deisseroth (Verenigde Staten), Peter Hegemann (Duitsland) en Georg Nagel (Duitsland) voor de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarmee kan worden aangetoond hoe zenuwcellen herinneringen, gevoelens en gedragingen in het levende brein vormgeven.

Hoe verschillend is elk lichaam? Open een anatomieboek en je ziet een menselijk lichaam met botten die op een vaste plaats zitten, organen met een vaste vorm en bloedvaten die netjes een uitgetekende route volgen. Maar bestaat er iets als een standaardlichaam? Het antwoord is eenvoudig: nee.

Begrijpen hoe de hersenen herinneringen, gevoelens en gedrag vormen, is al jaren een droom van onderzoekers. Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvangen de Nobelprijs voor Geneeskunde 2026 voor hun ontdekkingen die leidden tot optogenetica. Met deze techniek kunnen onderzoekers zenuwcellen in levende hersenen gericht aan- en uitzetten.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven