Waar blijft het coronavaccin?

Waar blijft het coronavaccin?

Delen:

Dat griep zoveel minder angst inboezemt dan corona, heeft met twee dingen te maken. Enerzijds kennen we griep goed. Artsen weten perfect hoe de ziekte evolueert en dat het virus na de winter opnieuw verdwijnt. Anderzijds kunnen we ons beschermen met een griepvaccin, dat is dan wel niet optimaal, maar het kan toch veel leed voorkomen bij kwetsbare groepen.

Het coronavirus is nog grotendeels onbekend. We weten niet of het na de winter gaat verdwijnen, het ziekteverloop is nog niet helemaal duidelijk en we hebben noch geneesmiddelen, noch een vaccin tegen dit nieuwe virus.

Een vaccin ontwikkelen gaat niet vandaag op morgen. Eerst moeten wetenschappers de genetische code van het virus ontrafelen. Vervolgens moeten ze een vaccin ontwikkelen dat dit virus kan uitschakelen en dat bovendien ook veilig is om te gebruiken bij de mens.

Op het moment dat wetenschappers beseften dat het nieuwe virus, dat in december 2019 voor het eerst opdook in China, daar lelijk huishield, zijn ze over de hele wereld gestart met de ontwikkeling van mogelijke vaccins. Ook reeds bestaande coronavaccins die eerder ontwikkeld werden tegen SARS (een variant van hetzelfde virus) onderzoeken ze nu verder.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Chinese wetenschappers hadden begin januari 2020 de genetische code van het nieuwe coronavirus, Sars-CoV-2, ontrafeld en maakten dit meteen publiek, zodat alle wetenschappers ermee aan de slag kunnen. Op dit moment zijn meerdere groepen hard aan het werken om een vaccin te ontwikkelen: onder andere in de Verenigde Staten, in Duitsland en in België (Rega Instituut Universiteit Leuven).

Ze gebruiken hiervoor de nieuwste technieken op basis van genetische technologie: de onderzoekers maken gebruik van stukjes DNA of mRNA met bepaalde sequenties van het coronavirus die ze rechtstreeks inspuiten. De eiwitten die onze cellen na opname van dit DNA of mRNA aanmaken, zorgen voor activatie van ons afweersysteem.

Sommige groepen bouwen kleine sequenties van de genetische code van het coronavirus in een onschuldig virus: door mensen met zo’n gemanipuleerd virus te besmetten, kan je het afweersysteem om de tuin leiden en antistoffen laten ontwikkelen tegen het coronavirus.

Op dit moment werken onderzoekers wereldwijd aan een aantal testvaccins die ze in een eerste fase testen in dierexperimenten. Wijzen de resultaten erop dat het vaccin veilig is, dan voeren ze ‘challenge’ studies uit bij dierproeven om de werkzaamheid van het vaccin te toetsen. Pas als dit allemaal positief uitdraait, zullen ze gezonde vrijwilligers zoeken die bereid zijn om het testvaccin te krijgen.

In de Verenigde Staten zullen ze mogelijk in april al enkele tientallen vrijwilligers met zo’n experimenteel vaccin inenten. Blijkt dit ongevaarlijk, dan breiden ze de tests uit naar grotere groepen proefpersonen in hogere doseringen. Dan moeten ze nagegaan of het vaccin ook voldoende antistoffen opwekt tegen corona om mensen te beschermen. Ook moeten ze onderzoeken hoeveel dosissen nodig zijn, hoe lang het vaccin bescherming biedt, enzovoort.

Stel dat een van de vaccins die nu in ontwikkeling zijn in aanmerking komt om te gebruiken op grote schaal, dan moeten we dit vaccin in grote hoeveelheden produceren. Enkel grote farmaceutische bedrijven kunnen (en zullen) dit doen.

Conclusie

Een vaccin ontwikkelen tegen een nieuw virus gaat niet van vandaag op morgen. We kunnen wel stellen dat wetenschappers er op dit moment heel hard aan werken. Wereldwijd (ook in Leuven) ontwikkelen ze in een handvol laboratoria mogelijke coronavaccins. Er zijn al enkele kandidaatvaccins klaar en deze testen ze nu eerst bij dieren. Blijken ze veilig en doeltreffend bij dieren, dan starten tests bij gezonde vrijwilligers, vervolgens op grotere groepen mensen en pas daarna kunnen we zo’n vaccin goedkeuren voor gebruik en kunnen we ze produceren op grote schaal.

Delen:

Dit is een artikel van:

Gezondheid en Wetenschap

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

Antibioticaresistentie is een van de grootste uitdagingen voor de geneeskunde. Door systematisch DNA-fragmenten uit antibioticaresistente bacteriën uit te schakelen, kunnen we achterhalen welke genen essentieel zijn voor hun overleving. Sommige van die genen maken bacteriën misschien opnieuw gevoelig voor antibiotica wanneer ze worden uitgeschakeld. Die kennis helpt onderzoekers om sneller doelgerichte therapie te ontwikkelen en zo de groeiende crisis voor te blijven.

Wereldwijd doemen steeds meer bacteriën op die zich niet langer door antibiotica laten tegenhouden. Om deze gevaarlijke infecties te bestrijden, richten onderzoekers hun pijlen nu op speciale virussen die de ziektekiemen alsnog uitschakelen, zogeheten bacteriofagen. Ondanks dat artsen ze al decennia als therapie kunnen gebruiken, heeft hun toepassing een apart randje: ze moet zichzelf nog steeds bewijzen.

Vrouwen leven langer dan mannen, maar vaak minder lang in goede gezondheid. Rond de menopauze lijkt er iets te kantelen: niet alleen in de hormonen, maar in het hele lichaam. Steeds duidelijker wordt dat de eierstokken hierin een grote rol spelen. Maar hoe precies? In Berlijn onderzoeken wetenschappers een diertje dat hier meer inzicht in geeft: de naakte molrat.

Wie een leven lang gezonde keuzes maakt krijgt toch soms kanker. En wie er alle mogelijke kantjes vanaf loopt soms niet. In zijn boek Waarom we kanker krijgen en wat we eraan kunnen doen legt Philippe Westerlinck, radiotherapeut-oncoloog en wetenschappelijk onderzoeker aan het Universitair Ziekenhuis in Luik, in detail uit hoe dat komt en waarom het vaak de moeite loont om te proberen je risico te beperken.

Voor vrouwen die door vulvakanker een deel van hun clitoris kwijtraken, is nu eindelijk een reconstructie mogelijk waarbij ook de seksuele functie behouden blijft.

De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 wordt gezamenlijk toegekend aan Karl Deisseroth (Verenigde Staten), Peter Hegemann (Duitsland) en Georg Nagel (Duitsland) voor de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarmee kan worden aangetoond hoe zenuwcellen herinneringen, gevoelens en gedragingen in het levende brein vormgeven.

Hoe verschillend is elk lichaam? Open een anatomieboek en je ziet een menselijk lichaam met botten die op een vaste plaats zitten, organen met een vaste vorm en bloedvaten die netjes een uitgetekende route volgen. Maar bestaat er iets als een standaardlichaam? Het antwoord is eenvoudig: nee.

Begrijpen hoe de hersenen herinneringen, gevoelens en gedrag vormen, is al jaren een droom van onderzoekers. Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvangen de Nobelprijs voor Geneeskunde 2026 voor hun ontdekkingen die leidden tot optogenetica. Met deze techniek kunnen onderzoekers zenuwcellen in levende hersenen gericht aan- en uitzetten.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven