Zijn er fors minder covid-overlijdens dankzij een ontdekking van een Hasselts ziekenhuis?

Zijn er fors minder covid-overlijdens dankzij een ontdekking van een Hasselts ziekenhuis?

Delen:

Waar komt dit nieuws vandaan?

Het Jessa Ziekenhuis in Hasselt werd, net als andere ziekenhuizen, geconfronteerd met een hoge sterfte van ernstig zieke covid-19-patiënten op de afdeling intensieve zorgen. Heel vaak sterven zwaar zieken, die aan een beademingstoestel liggen, vrij plots, zonder duidelijke oorzaak. Artsen van het Jessa brachten deze overlijdens in verband met grote bloedklonters die ze ontdekten bij een van hun patiënten. Verder onderzoek toonde aan dat meer dan de helft van de covid-patiënten op intensieve zorgen bloedklonters had.

Patiënten die zijn opgenomen op intensieve zorgen krijgen preventief antistollingsmedicatie (“bloedverdunners”) om klontervorming in het bloed te voorkomen. Dan nog is de sterfte hoog: bijna 40% overlijdt. De Hasseltse artsen kwamen op het idee om de dosis van de gebruikelijke antistollingsmedicatie te verdubbelen, terwijl ze de stollingsgraad in het bloed goed opvolgden. Dat deden ze in een groep van 26 covid-patiënten op intensieve zorgen. De sterfte in deze groep verminderde van 39,12% naar 3,85% na drie weken behandeling¹ (1).

Artsen spreken van een belangrijke doorbraak voor zwaar zieke covid-patiënten die worden opgenomen op een afdeling intensieve zorgen.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Chinese studies toonden eerder aan dat patiënten met covid-19 stollingsproblemen ontwikkelen, met een verhoogd risico op de vorming van klontertjes in het bloed². De activatie van de stolling bij covid-19 is een slecht teken en verhoogt de kans op een slechte afloop van de ziekte, dat is bekend. Bij de helft van de covid-patiënten die overlijden op intensieve zorgen, komen stollingsproblemen voor, tegenover 7% van de overlevers.

Tussen 13 maart en 20 april werden 78 covid-patiënten gehospitaliseerd op de afdeling intensieve zorg van het Jessa Ziekenhuis in Hasselt. De 46 eerste patiënten werden behandeld volgens het tot dan geldende protocol en de 26 volgende kregen een dubbele dosis antistollingsmedicatie³. De sterfte na een maand bedroeg ongeveer 40% in de eerste groep en ongeveer 4% in de tweede groep.

In deze gecontroleerde voor/na-studie waren de groepen niet helemaal vergelijkbaar: in de eerste groep waren de patiënten ietsje ouder (gemiddeld 69 jaar) dan in de twee groep (gemiddeld 62 jaar) en er waren meer mannen (73,9% tegenover 57,7%), wat de resultaten kan vertekend hebben. Het was nauwkeuriger geweest indien ze de personen willekeurig hadden toegekend tot het wel of niet behandelen met een dubbele dosis antistollingsmedicijnen, maar in coronatijden wil men snel handelen.

Een andere bedenking is dat de patiënten in de eerste groep bij de eerste waren die werden opgenomen aan het begin van de coronapandemie. De behandeling is mogelijk ook in gunstige zin geëvolueerd tijdens de daaropvolgende weken. Dat kan eveneens de resultaten beïnvloed hebben. De auteurs geven deze bedenkingen zelf ook aan.

Antistollingsmedicatie is op zich niet zonder risico en verhoogt het risico op bloedingen (bijv. hersenbloeding). De dosis die gebruikt werd in de tweede groep van de Hasseltse studie bleef echter binnen de veilige marge (therapeutische dosis).

Conclusie

Dat ernstig zieke covid-patiënten stollingsproblemen en bloedklonters kunnen ontwikkelen, is bekend. Deze groep heeft een groter risico op overlijden. Artsen van het Jessa Ziekenhuis in Hasselt kwamen op het idee om een dubbele dosis van de gebruikelijke antistollingsmedicatie toe te voegen aan de behandeling op intensieve zorgen. Dat leidde tot een forse vermindering van de overlijdens bij de gehospitaliseerde covid-patiënten. Dat is op zich een belangrijke doorbraak.

Delen:

Dit is een artikel van:

Gezondheid en Wetenschap

Uit nieuw onderzoek blijkt dat mensen die na een COVID-vaccinatie hogere koorts krijgen, vaak vergelijkbare darmkenmerken vertonen.

Antibioticaresistentie is een van de grootste uitdagingen voor de geneeskunde. Door systematisch DNA-fragmenten uit antibioticaresistente bacteriën uit te schakelen, kunnen we achterhalen welke genen essentieel zijn voor hun overleving. Sommige van die genen maken bacteriën misschien opnieuw gevoelig voor antibiotica wanneer ze worden uitgeschakeld. Die kennis helpt onderzoekers om sneller doelgerichte therapie te ontwikkelen en zo de groeiende crisis voor te blijven.

Wereldwijd doemen steeds meer bacteriën op die zich niet langer door antibiotica laten tegenhouden. Om deze gevaarlijke infecties te bestrijden, richten onderzoekers hun pijlen nu op speciale virussen die de ziektekiemen alsnog uitschakelen, zogeheten bacteriofagen. Ondanks dat artsen ze al decennia als therapie kunnen gebruiken, heeft hun toepassing een apart randje: ze moet zichzelf nog steeds bewijzen.

Vrouwen leven langer dan mannen, maar vaak minder lang in goede gezondheid. Rond de menopauze lijkt er iets te kantelen: niet alleen in de hormonen, maar in het hele lichaam. Steeds duidelijker wordt dat de eierstokken hierin een grote rol spelen. Maar hoe precies? In Berlijn onderzoeken wetenschappers een diertje dat hier meer inzicht in geeft: de naakte molrat.

Wie een leven lang gezonde keuzes maakt krijgt toch soms kanker. En wie er alle mogelijke kantjes vanaf loopt soms niet. In zijn boek Waarom we kanker krijgen en wat we eraan kunnen doen legt Philippe Westerlinck, radiotherapeut-oncoloog en wetenschappelijk onderzoeker aan het Universitair Ziekenhuis in Luik, in detail uit hoe dat komt en waarom het vaak de moeite loont om te proberen je risico te beperken.

Voor vrouwen die door vulvakanker een deel van hun clitoris kwijtraken, is nu eindelijk een reconstructie mogelijk waarbij ook de seksuele functie behouden blijft.

De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 wordt gezamenlijk toegekend aan Karl Deisseroth (Verenigde Staten), Peter Hegemann (Duitsland) en Georg Nagel (Duitsland) voor de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarmee kan worden aangetoond hoe zenuwcellen herinneringen, gevoelens en gedragingen in het levende brein vormgeven.

Hoe verschillend is elk lichaam? Open een anatomieboek en je ziet een menselijk lichaam met botten die op een vaste plaats zitten, organen met een vaste vorm en bloedvaten die netjes een uitgetekende route volgen. Maar bestaat er iets als een standaardlichaam? Het antwoord is eenvoudig: nee.

Begrijpen hoe de hersenen herinneringen, gevoelens en gedrag vormen, is al jaren een droom van onderzoekers. Karl Deisseroth, Peter Hegemann en Georg Nagel ontvangen de Nobelprijs voor Geneeskunde 2026 voor hun ontdekkingen die leidden tot optogenetica. Met deze techniek kunnen onderzoekers zenuwcellen in levende hersenen gericht aan- en uitzetten.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven