Europees natuurherstel gaat ten koste van wereldwijde biodiversiteit: ‘We moeten keuzes maken’

Europees natuurherstel gaat ten koste van wereldwijde biodiversiteit: ‘We moeten keuzes maken’

Delen:

Beeld: Als onbedoeld gevolg van het EU-beleid verplaatste een belangrijk deel van de sojateelt zich van het Amazonewoud naar de Cerrado, een ecologisch waardevol savannegebied in het westen van Brazilië.

Natuurherstel op land dat wordt gebruikt voor voedsel- of houtproductie, kan leiden tot een verlies aan biodiversiteit op andere locaties wanneer die productie simpelweg verschuift. Een ongemakkelijk gegeven, dat al te vaak buiten beeld blijft.

Het herstellen van ecosystemen kent een momentum, althans in de ambitieuze plannen van zowel de Verenigde Naties als de Europese Unie. Vorig jaar nog keurde Europa de Nature Restoration Regulation goed, een verordening die lidstaten verplicht om gedegradeerde ecosystemen te rehabiliteren. Een nobel streven, maar ondoordacht land uit productie nemen kan de natuur juist meer schaden. Daarvoor waarschuwt Andrew Balmford, conservatiebioloog verbonden aan de Universiteit van Cambridge, in een recente publicatie in Science.

‘Als natuurherstel plaatsvindt op land dat wordt ingezet voor voedsel of houtproductie, dan verdwijnt of vermindert de opbrengst ervan. Toch blijft de vraag ernaar gelijk, met als gevolg dat de productie naar een andere locatie verschuift. Als dat gebeurt op plekken met een grotere biodiversiteit maar met minder strikte regulering, zoals Afrika of Zuid-Amerika, dan kan er juist meer biodiversiteit verloren gaan. Globaal genomen gaat de natuur er dan op achteruit.’

Biodiversiteitslekken

Zulke ‘biodiversiteitslekken’, waarbij activiteiten die de natuur schaden van de ene plek naar de andere verschuiven, kunnen zich zowel lokaal als globaal aftekenen. Het meest duidelijk zijn gevallen waarbij landbouw of jacht uit de grenzen van een reservaat gebannen wordt. ‘Mensen hebben nu eenmaal eten nodig’, vertelt Balmford. ‘Hun activiteiten verplaatsen zich simpelweg naar een andere locatie in de buurt.’

We vragen veel van het land. Voedsel en hout produceren, koolstofopslag, energieproductie, biodiversiteitsbehoud,... Maar niet alles kan

Minder zichtbaar zijn effecten die zich op een ruimere geografische schaal afspelen. Daarbij spelen marktmechanismen een belangrijke rol, verduidelijkt Balmford. ‘Als grond niet langer voor productie wordt ingezet en de opbrengst valt ervan weg, dan heeft dat een klein, maar reëel prijseffect. Dat geeft in andere regio’s een impuls op de productie van hout of voedsel, wat zich vertaalt in veranderend landgebruik.’

Zulke bredere effecten zijn moeilijk te berekenen, maar spelen steeds sterker omdat markten wereldwijd meer en meer met elkaar verweven raken. Een voorbeeld is de Europese beslissing om geen soja meer in te voeren waarvoor er woud in de Amazone gekapt werd. Als onbedoeld gevolg van het EU-beleid verplaatste een belangrijk deel van de sojateelt zich naar de Cerrado, een ecologisch waardevol savannegebied in het westen van Brazilië. Een ander voorbeeld is de Chinese ban op houtkap in China’s bossen die in 2019 in voege trad. De kap verschoof vervolgens naar Zuidoost-Azië. Net daar liggen de meest ecologisch waardevolle wouden. Die gaan nu in snel tempo voor de bijl om aan de Chinese honger naar hout te voldoen.

Stikstofkwestie

Het risico op dat biodiversiteitslekken is erg groot bij natuurherstel in productieve regio’s met relatief weinig biodiversiteit, zoals bijvoorbeeld in Vlaanderen. Dat geldt niet enkel voor projecten met een directe impact op landgebruik, maar ook voor andere milieumaatregelen. De stikstofdiscussie is een goed voorbeeld, aldus Balmford. ‘De productie van vlees, en zeker die van runderen, vertegenwoordigt een disproportioneel grote hap van het beslag dat wij op het milieu leggen. Maatregelen om veeteelt duurzamer te maken zijn absoluut noodzakelijk, maar als de productie bij gelijke vraag gewoon verschuift naar bijvoorbeeld Zuid-Amerika, dan veroorzaken dergelijke maatregelen onbedoeld net meer schade aan de natuur.’

‘We vragen veel van het land. Voedsel en hout produceren, koolstofopslag, energieproductie, biodiversiteitsbehoud... Maar niet alles kan. In Europa leeft het idee dat we én land kunnen teruggeven aan de natuur, én de biodiversiteit op landbouwgronden vergroten, én voldoende voedsel produceren. Maar dat is onrealistisch, we moeten er keuzes in maken. Als we land uit productie nemen, moeten we dat combineren met het verhogen van de efficiëntie op andere plaatsen binnen dezelfde regio, ook al kan dat een beperkt biodiversiteitsverlies tot gevolg hebben. Anders zal dat productieverlies zich manifesteren op plekken waar dat echt niet wenselijk is.’

De potentiële neveneffecten van natuurherstel worden al te vaak onder de mat geschoven. Niet verwonderlijk, aldus Balmford. ‘Gobale effecten op biodiversiteit zijn moeilijk te meten. Bovendien denken beleidsmakers binnen het geografisch kader van de maatregelen en blijft wat er daarbuiten gebeurt buiten beeld. Het aanpakken van biodiversiteitslekken vraagt of een afname van de vraag, of het bewust opdrijven van productie waar het minder schadelijk is. Een bijzonder complexe opdracht, die samenwerking vereist met andere sectoren, zoals de landbouw of volksgezondheid.’

Delen:

De milieu-impact van medisch afval en hygiëneproducten als luiers is enorm.

Dat geldt ook voor grote honden. Het snellere verouderingsproces valt af te lezen in hun epigenetisch profiel. De reden achter dit snellere verouderingsproces is minder duidelijk.

Sorteren en recyclen tussen de operaties door: ziekenhuizen zetten steeds meer in op verduurzaming. Geen sinecure in een sector waar elke seconde telt. Als er mensenlevens op het spel staan, is de planeet even niet van tel.

Uit een analyse van recent gedigitaliseerde historische weergegevens – die tot voor kort alleen beschikbaar waren als handgeschreven archiefstukken – blijkt dat het hele Congobekken consistent opwarmt sinds de jaren zestig.

In onze strijd tegen klimaatverandering moeten we niet alleen minder CO₂ uitstoten, maar ook actief CO₂ uit de lucht halen. Bomen doen dat, maar ook bepaalde stenen kunnen CO₂ uit de lucht halen en in de bodem vangen.

Dat vraagt Anne-Sophie (40) zich af. Professor biomedische wetenschappen Luc Bouwens (VUB) zoekt het uit.

De oorsprong van België – en van Noordwest-Europa – is een mysterieus continentje dat ‘Avalonië’ heet. Het begint een half miljard jaar geleden vanaf de zuidpool aan een onwaarschijnlijke odyssee.

Een kaart die laat zien op welke plekken ter wereld potentieel fossielen te vinden zijn, het klinkt als de ultieme droom voor paleontologen. Maar financiering en toegankelijkheid beperken de zoektocht naar nieuwe puzzelstukjes van de geschiedenis van het leven.

Gedragsbioloog Jonas Torfs voert aan de afdeling bio-ingenieurswetenschappen van de UAntwerpen onderzoek naar het vaginale en darmmicrobioom van bonobo’s.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven