Pantservis van 400 miljoen jaar oud onthult structuur eerste tanden

Romundina, een placoderm of pantservis uit het vroeg-devoon. (Artistieke impressie: Apokryltaros, Wikimedia Commons)

Delen:

‘Dit zou het voorouderlijke model kunnen zijn van alle gewervelde dieren met kaken’, zegt paleontoloog Sébastien Olive van het Instituut voor Natuurwetenschappen en de Universiteit Luik.

Voor de evolutie van tanden moeten we terug naar het begin van het devoon, zo’n 400 miljoen jaar geleden, toen Noord-Amerika en Europa nog op één continent lagen net onder de evenaar. In zowat alle oceanen van toen zwommen pantservissen, in allerlei vormen en maten. Pantservissen of placodermen zijn een uitgestorven zustergroep van de kraakbeenvissen (haaien en roggen) en beenvissen (alle andere vissen, inclusief de viervoeters waaronder wij). De kop en borstkas van pantservissen was typisch bedekt me benige platen. Dunkleosteus is misschien wel de meest iconische: een viertal meter lang en een toppredator in die tijd. Placodermen zijn de vroegste gewervelden die kaken hadden ontwikkeld.

Lang werd gedacht dat placodermen in die kaken geen tanden hadden en dat tanden pas veel later evolueerden. Maar sinds 2012 vonden paleontologen bij verschillende groepen placodermen echte tanden. Kaken en tanden zouden dus ongeveer tegelijkertijd geëvolueerd zijn.

Pantservistanden

Maar hoe groeien die tanden? Een studie uit 2020 concludeerde dat de nieuwe tanden van placodermen, aanwezig op verschillende botten in de wang, telkens achteraan in de mond verschenen. Zo krijg je op den duur een rij van versleten tanden vooraan en intacte tanden achteraan. Dit groeipatroon komt overeen met wat we vinden bij kraakbeenvissen en beenvissen. Daarom werd gesuggereerd dat dit patroon aan de basis ligt van alle kaakdieren. Maar de nieuwe studie over een gepantserde vis uit Canada betwist dit nu: de tanden groeiden niet alleen van achteren uit, maar in alle richtingen, en niet alleen op de wangbotten maar ook op benige platen die aan het gehemelte vastzitten. Het is een vreemd gebit dat nieuwe informatie oplevert over de evolutionaire geschiedenis van tanden en hun ontwikkeling.

Tot die conclusies komt een internationaal team met paleontoloog Sébastien Olive (Instituut voor Natuurwetenschappen, Universiteit Luik). De onderzoekers analyseerden fossiele resten van een pantservis die in 1995 door een Frans-Canadees team was gevonden op Prince Wales Island, in het noorden van Canada. Het is meteen ook een nieuwe soort: Romundina gagnieri gedoopt.

A. Het fossiel met de tandplaten die aan het gehemelte vastzitten. Het bovenste deel stak uit de mond, terwijl de twee platen eronder zich nog binnen in de mond bevonden. B. Ingezoomd: de twee platen (in het rood) waarop tanden zitten, concentrisch gerangschikt. Schaalbalken vertegenwoordigen 1 cm. (Foto: Instituut voor Natuurwetenschappen)

Het specimen werd vanuit alle hoeken gescand met röntgen in een synchrotron in Zwitserland, waarna een 3D-model werd gemaakt. Het is een interessante techniek om in een fossiel te kijken zonder het kapot te maken. De paleontologen concluderen dat de tanden groeiden op benige platen die aan het gehemelte vastzitten en dat ze in een cirkelvormig patroon staan, vergelijkbaar met de ringen van een boom. De tanden die het eerst groeiden bevonden zich in het midden en de volgende eromheen. De synchrotronanalyse heeft zelfs andere gemineraliseerde structuren blootgelegd (waarvan de oorsprong onbekend is) die sommige van de tanden zijn gaan bedekken en die het dier waarschijnlijk tijdens zijn leven hebben geholpen om erg hard voedsel te vermalen.

Beslissende verandering

Het specimen werd vanuit alle hoeken gescand met röntgen in een synchrotron in Zwitserland, waarna een 3D-model werd gemaakt. Het is een interessante techniek om in een fossiel te kijken zonder het kapot te maken. De paleontologen concluderen dat de tanden groeiden op benige platen die aan het gehemelte vastzitten en dat ze in een cirkelvormig patroon staan, vergelijkbaar met de ringen van een boom. De tanden die het eerst groeiden bevonden zich in het midden en de volgende eromheen. De synchrotronanalyse heeft zelfs andere gemineraliseerde structuren blootgelegd (waarvan de oorsprong onbekend is) die sommige van de tanden zijn gaan bedekken en die het dier waarschijnlijk tijdens zijn leven hebben geholpen om erg hard voedsel te vermalen.

Het exemplaar dat bestudeerd werd, behoort tot een groep pantservissen met de naam acanthothoraciden. Interessant is dat dezelfde tandpatronen ook in een andere groep pantservissen, de arthrodira, zijn gevonden, de groep waar ook de iconische Dunkleosteus toe behoort. Daaruit kunnen we afleiden dat de gemeenschappelijke voorouder van de twee groepen pantservissen mogelijk ook een dergelijk tandapparaat in de mond had.

‘We kijken hier naar een van de eerste stappen van de evolutie van tanden’, zegt Olive. ‘De gepantserde vissen zijn niet alleen de eerste gewervelde dieren met kaken, het zijn ook de eerste gewervelden die verschillende organisatiepatronen van het gebit vertonen. Bijten en kauwen met tanden was een game changer. Daardoor konden onze verre voorouders andere voedselbronnen aanboren en nieuwe ecologische niches bezetten.’

De studie staat in het vaktijdschrift Royal Society Open Science.

Delen:

Dit is een artikel van:

Instituut voor Natuurwetenschappen

Francis Halzen ontvangt de Nobelprijs voor Fysica 2026 voor zijn voortrekkersrol in het onderzoek naar hoog-energetische neutrino's met ijs. De fysicus werkt aan de University of Wisconsin, maar groeide op in België. Hij is de tweede Belg die de Nobelprijs voor Natuurkunde wint, na François Englert in 2013.

BlogNatuurwetenschappen

Er lag een krokodil in de kast

125 jaar geleden kocht de KU Leuven een collectie fossielen die ze nooit meer heeft bekeken. Voor het eerst is een groep studenten op zoek gegaan naar krokodilachtige botten. Zij vonden aanwijzingen voor Diplocynodon, de oudste alligatorachtige.

In de klas kun je het misschien verbieden. Toch blijkt het in de praktijk nog knap lastig om delen door nul altijd te vermijden.

Vorige week liet OpenAI weten dat zijn model een van de moeilijkste wiskundige problemen, het Navier-Stokesprobleem over vloeistofbewegingen, had opgelost. De claim moet nog bevestigd worden, maar welke doorbraak is de volgende? En wat betekent dat voor andere mysteries uit de wetenschap?

ColumnNatuurwetenschappen

De kracht van kruisbestuiving

Soms heeft een schilder een wiskundige nodig en soms heeft een wiskundige, zoals ik, een kunstenaar nodig om te zien hoe wonderlijk wiskunde voor niet-wiskundigen werkelijk is.

In China is barnsteen gevonden van maar liefst 385 miljoen jaar oud. Het stamt uit een tijd waarin insecten nog niet de grootste vijanden van planten waren.

Toen de Chicxulub-asteroïde 66 miljoen jaar geleden insloeg, was dat misschien nog maar het begin van de ramp. Nieuw onderzoek suggereert dat een wereldwijde stofdeken de hitte van de inslag vasthield en terugkaatste naar de aarde. Het gevolg? Wereldwijde natuurbranden die het einde van de dinosauriërs mogelijk al binnen enkele uren bezegelden.

ColumnNatuurwetenschappen

Bron van quantumkansen

Honderd zomers geleden deden kansen hun intrede in de quantummechanica. Dit gebeurde zonder veel fanfare: in een kort artikel van de theoretische fysicus Max Born uit Göttingen. Wetenschapsfilosoof Sylvia Wenackers schrijft over wat dit teweegbracht in de decennia daarna.

De ruimterots die 66 miljoen jaar geleden de dinosauriërs van de aardbodem veegde, blijkt veel zeldzamer te zijn dan gedacht. Onderzoekers identificeren haar als een uitzonderlijke meteorietsoort die nauwelijks op aarde gevonden wordt. Dat zet de deur open naar een nieuwe verklaring voor de massa-extinctie.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven