Zit er een barstje in ons begrip van de werkelijkheid?

Zit er een barstje in ons begrip van de werkelijkheid?

Delen:

Verrassend nieuws uit Genève deze week. De Europese Organisatie voor Kernonderzoek (CERN) kondigde aan dat het experiment LHCb (Large Hadron Colider beauty) resultaten oplevert die in niet passen in het Standaardmodel van elementaire deeltjes. De relativiteitstheorie en dit Standaardmodel vormen samen de twee paradepaardjes van de fysica.

Leptonuniversaliteit

In de onderwereld van de werkelijkheid waan je je soms in alchemistische sferen. In zogenaamde vervalprocessen kunnen elementaire deeltjes, deeltjes die je niet verder in stukjes kan hakken, van identiteit veranderen. Zo kan een bepaald type elementaire deeltjes, de beauty quark, vervallen tot een elektron. Of tot een muon, dat helemaal lijkt op het elektron, behalve dan dat het zowat 200 keer zwaarder is.

Het Standaardmodel voorspelt dezelfde waarschijnlijkheid voor beide soorten verval. Die eigenschap noemen fysici de leptonuniversaliteit. Lepton is de verzamelnaam voor zes elementaire deeltjes. Buiten het elektron en het muon, heb je een nog zwaardere broer, het tau-lepton. Daarnaast heeft elk van deze drie broers een eigen neutrinodeeltje.

Veel natuurkundigen hopen stiekem op een barst in het Standaardmodel, die ons de weg moet wijzen naar een nog diepere laag van de werkelijkheid

Maar de resultaten van de LHCb vertellen ons dat je iets vaker een elektron overhoudt dan een muon. Als dat klopt, is de leptonuniversaliteit geschonden. En dat krijg je niet uitgelegd met het Standaardmodel. Er staat dus wel wat op het spel. Chris Parker, woordvoerder van LHCb: ‘Als de schending van de leptonuniversaliteit bevestigd wordt, heb je een nieuw fysisch proces nodig, zoals het bestaan van nieuwe elementaire deeltjes of interacties.’

Wachten op bevestiging

Toch hoor je momenteel niemand onverbloemd beweren dat onze theorie van de onderwereld op de schop mag. Dat heeft alles te maken met dat ‘iets vaker’ van daarnet. De statistische analyse van de gegevens vertelt je dat er een kans van 0,1% overblijft dat de meetresultaten toch compatibel zijn met het Standaardmodel. Dat klinkt heel weinig en het is ook heel wat minder dan eerdere experimenten elders ter wereld, die ook al op deze anomalie wezen.

Maar de lat ligt nu eenmaal erg hoog in de experimentele fysica. Enkel bijkomende meetgegevens kunnen de twijfel wegnemen door ons een nog hogere nauwkeurigheid te schenken. Het is dan ook reikhalzend uitkijken naar volgend jaar, wanneer de detectoren van het experiment een upgrade achter de rug hebben.

Het Standaardmodel, zegen en vloek

Het Standaardmodel is een zogenaamde kwantumveldentheorie. Ze is het resultaat van het samenvoegen van kwantumfysica, veldentheorie en speciale relativiteitstheorie. Van de vier fundamentele natuurkrachten – elektromagnetisme, zwakke kracht, sterke kracht en gravitatie – past enkel deze laatste er niet in.

Aan de hand van 25 elementaire deeltjes en de eerste drie van deze natuurkrachten beschrijft het Standaardmodel een hele waaier verschijnselen met duizelingwekkende precisie, met in sommige gevallen een overeenkomst tussen voorspelde en gemeten waarde tot op het tiende cijfer na de komma.

Toch weet het model geen raad met enkele hardnekkige vraagstukken: waar is alle antimaterie in het heelal naartoe, wat is de aard van donkere energie en wat is donkere materie? Veel natuurkundigen hopen daarom stiekem op een barst in het Standaardmodel, die ons de weg moet wijzen naar een nog diepere laag van de werkelijkheid.

CERN op zoek naar succes

Ook voor het CERN zelf zou een hint naar een nieuwe fysica meer dan welkom zijn. Sinds de ontdekking in 2012 van het higgsdeeltje – een van de 25 bouwstenen uit het Standaardmodel – blijft het wachten op een volgende doorbraak. Voor de Raad van CERN ligt de oplossing in een radicale upgrade.

De vervanging van de huidige ringvormige, ondergrondse tunnel met een omtrek van 27 kilometer door één met een omtrek van honderd kilometer moet toelaten om nog hogere botsingsenergieën te produceren, en zo nog dieper in de werkelijkheid door te dringen. Maar deze vlucht vooruit oogst heel wat kritiek, ook binnen de wetenschappelijke gemeenschap. Want waarom zou je zoveel tijd en geld stoppen in een zoektocht waarvoor de natuur je geen concrete aanwijzingen schenkt?

Laat die barst maar gauw komen, moeten ze in Genève denken.

Delen:

Francis Halzen ontvangt de Nobelprijs voor Fysica 2026 voor zijn voortrekkersrol in het onderzoek naar hoog-energetische neutrino's met ijs. De fysicus werkt aan de University of Wisconsin, maar groeide op in België. Hij is de tweede Belg die de Nobelprijs voor Natuurkunde wint, na François Englert in 2013.

BlogNatuurwetenschappen

Er lag een krokodil in de kast

125 jaar geleden kocht de KU Leuven een collectie fossielen die ze nooit meer heeft bekeken. Voor het eerst is een groep studenten op zoek gegaan naar krokodilachtige botten. Zij vonden aanwijzingen voor Diplocynodon, de oudste alligatorachtige.

In de klas kun je het misschien verbieden. Toch blijkt het in de praktijk nog knap lastig om delen door nul altijd te vermijden.

Vorige week liet OpenAI weten dat zijn model een van de moeilijkste wiskundige problemen, het Navier-Stokesprobleem over vloeistofbewegingen, had opgelost. De claim moet nog bevestigd worden, maar welke doorbraak is de volgende? En wat betekent dat voor andere mysteries uit de wetenschap?

ColumnNatuurwetenschappen

De kracht van kruisbestuiving

Soms heeft een schilder een wiskundige nodig en soms heeft een wiskundige, zoals ik, een kunstenaar nodig om te zien hoe wonderlijk wiskunde voor niet-wiskundigen werkelijk is.

In China is barnsteen gevonden van maar liefst 385 miljoen jaar oud. Het stamt uit een tijd waarin insecten nog niet de grootste vijanden van planten waren.

Toen de Chicxulub-asteroïde 66 miljoen jaar geleden insloeg, was dat misschien nog maar het begin van de ramp. Nieuw onderzoek suggereert dat een wereldwijde stofdeken de hitte van de inslag vasthield en terugkaatste naar de aarde. Het gevolg? Wereldwijde natuurbranden die het einde van de dinosauriërs mogelijk al binnen enkele uren bezegelden.

ColumnNatuurwetenschappen

Bron van quantumkansen

Honderd zomers geleden deden kansen hun intrede in de quantummechanica. Dit gebeurde zonder veel fanfare: in een kort artikel van de theoretische fysicus Max Born uit Göttingen. Wetenschapsfilosoof Sylvia Wenackers schrijft over wat dit teweegbracht in de decennia daarna.

De ruimterots die 66 miljoen jaar geleden de dinosauriërs van de aardbodem veegde, blijkt veel zeldzamer te zijn dan gedacht. Onderzoekers identificeren haar als een uitzonderlijke meteorietsoort die nauwelijks op aarde gevonden wordt. Dat zet de deur open naar een nieuwe verklaring voor de massa-extinctie.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven