Zoogdieren werden eerst groter en dan pas slimmer na uitsterven dinosauriërs

Schedel van Arctocyon uit de collecties van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen. De schedel werd in de ja

Delen:

Dat blijkt uit onderzoek onder leiding van de Universiteit van Edinburgh. Een schedel van Arctocyon, een archaïsch zoogdier uit het Paleoceen uit de collecties van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen, speelt een sleutelrol in de studie.

Tijdens de eerste 10 miljoen jaar na het uitsterven van de dinosauriërs vergrootte de lichaamsomvang van zoogdieren. Dat was een aanpassing aan de radicale verschuivingen in de samenstelling van het dierenrijk op aarde, aldus de onderzoekers.

Hun bevindingen tonen aan dat de omvang van de hersenen van zoogdieren, in vergelijking met hun lichaamsgewicht, eerst afnam na de catastrofale inslag van een asteroïde 66 miljoen jaar geleden, die een einde maakte aan de heerschappij van de dinosauriërs. Tot nu toe werd aangenomen dat de relatieve omvang van de hersenen van zoogdieren na de ondergang van de dinosauriërs alleen maar was toegenomen.

Het Eocene zoogdier Hyrachyus modestus (grotere herseninhoud) en het Paleocene zoogdier Arctocyon primaevus (kleine hersenen)

Size matters

Hoewel er veel bekend is over de evolutie van de hersenen van moderne zoogdieren, was het - tot nu toe - onduidelijk hoe ze zich ontwikkelden in de eerste paar miljoen jaar na de massa-extinctie.

Een internationaal team onder leiding van de Universiteit van Edinburgh wierp nu nieuw licht op die evolutie door CT-scans te maken van recent ontdekte fossielen uit de 10 miljoen jaar na de massa-extinctie, een periode die we het Paleoceen noemen.

Het belangrijkste fossiel voor het onderzoek was een schedel van Arctocyon, een archaïsch zoogdier uit het Paleoceen uit de collecties van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen. Paleontoloog Thierry Smith (KBIN), co-auteur van de studie: ‘Arctocyon was een zoogdier van 30 tot 50 kg, ter grootte van een uit de kluiten gewassen hond. Maar zijn herseninhoud was slechts 24 cm³, liefst vijf keer zo klein als die van een hond van dat gewicht. Echt indrukwekkend hoe klein zijn hersenen waren!’

Uit hun bevindingen blijkt dat de relatieve hersenomvang van zoogdieren eerst afnam, omdat hun lichaamsomvang in een veel sneller tempo toenam. De resultaten van de scans wijzen er ook op dat de dieren zwaar vertrouwden op hun reukzin, en dat hun gezichtsvermogen en andere zintuigen minder goed ontwikkeld waren. Dit suggereert dat het eerst belangrijker was om groot te zijn dan uitgesproken intelligent om te kunnen overleven in het post-dinosauriërtijdperk, aldus het team.

Echt indrukwekkend hoe klein de hersenen van Arctocyon waren

Thierry Smith, paleontoloog KBIN

Slim zijn kost wat

Zo'n 10 miljoen jaar later begonnen vroege vertegenwoordigers van moderne zoogdiergroepen, zoals primaten, grotere hersenen en een complexer scala aan zintuigen en motorische vaardigheden te ontwikkelen. Dit zou volgens de onderzoekers hun overlevingskansen hebben verbeterd in een tijd waarin de concurrentie om hulpbronnen veel groter was.

Het idee dat grote hersenen altijd beter zijn om nieuwe gebieden te koloniseren of uitstervingen te overleven, is misleidend.

Paleontologe Ornella Bertrand van de School of GeoSciences van de Universiteit van Edinburgh legt uit: ‘Grote hersenen zijn moeilijker om te onderhouden en als ze niet nodig waren om hulpbronnen te verwerven, zouden ze waarschijnlijk nadelig zijn geweest voor de overleving van vroege placentazoogdieren in de chaos en beroering na de asteroïde-inslag.’

Omdat de zoogdieren van vandaag zo intelligent zijn, is het gemakkelijk aan te nemen dat grote hersenen onze voorouders hielpen om te overleven in de tijd van de dinosauriërs en aan uitsterving te ontsnappen - maar dat was niet zo, tonen de onderzoekers aan.

Steve Brusatte, ook verbonden aan de Universiteit van Edinburgh en een van de auteurs van de studie, zegt: ‘De zoogdieren die de dinosauriërs opvolgden waren tamelijk dom, en pas miljoenen jaren later ontwikkelden veel soorten zoogdieren grotere hersenen toen ze met elkaar concurreerden om nieuwe ecosystemen te vormen.’

Herseninhoud van het Paleocene zoogdier Arctocyon (links) en van het Eocene zoogdier Hyrachyus. Beeld: O. Bertrand en S. Shelley

De kracht van fossielen

Arctocyon leefde aan het eind van het Paleoceen, 8 à 9 miljoen jaar na het uitsterven van de dinosauriërs. ‘De schedel in kwestie werd in de jaren '80 ontdekt in de streek van Reims, in de buurt van de wijngaarden van de Champagnestreek’, vertelt Thierry Smith.

Andere fossielen die zijn bestudeerd in de studie komen uit de badlands van het noordwesten van New Mexico, een van de weinige plaatsen waar wetenschappers complete schedels en skeletten kunnen vinden van zoogdieren die net na de massa-uitsterving van de dinosauriërs leefden.

Thomas Williamson, conservator van het New Mexico Museum of Natural History and Science: ‘Dankzij het verzamelen en CT-scannen van deze prachtige fossiele schedels hebben we nu een beter inzicht in deze bizarre dieren en de evolutie van het zoogdierenbrein.'

De studie staat in het vaktijdschrift Science.

Grote hersenen zijn moeilijker te onderhouden en zouden nadelig zijn geweest voor vroege placentazoogdieren in de chaos en beroering na de asteroïde-inslag

Ornella Bertrand, paleontologe Universiteit van Edinburgh

Delen:

Dit is een artikel van:

KBIN

Francis Halzen ontvangt de Nobelprijs voor Fysica 2026 voor zijn voortrekkersrol in het onderzoek naar hoog-energetische neutrino's met ijs. De fysicus werkt aan de University of Wisconsin, maar groeide op in België. Hij is de tweede Belg die de Nobelprijs voor Natuurkunde wint, na François Englert in 2013.

BlogNatuurwetenschappen

Er lag een krokodil in de kast

125 jaar geleden kocht de KU Leuven een collectie fossielen die ze nooit meer heeft bekeken. Voor het eerst is een groep studenten op zoek gegaan naar krokodilachtige botten. Zij vonden aanwijzingen voor Diplocynodon, de oudste alligatorachtige.

In de klas kun je het misschien verbieden. Toch blijkt het in de praktijk nog knap lastig om delen door nul altijd te vermijden.

Vorige week liet OpenAI weten dat zijn model een van de moeilijkste wiskundige problemen, het Navier-Stokesprobleem over vloeistofbewegingen, had opgelost. De claim moet nog bevestigd worden, maar welke doorbraak is de volgende? En wat betekent dat voor andere mysteries uit de wetenschap?

ColumnNatuurwetenschappen

De kracht van kruisbestuiving

Soms heeft een schilder een wiskundige nodig en soms heeft een wiskundige, zoals ik, een kunstenaar nodig om te zien hoe wonderlijk wiskunde voor niet-wiskundigen werkelijk is.

In China is barnsteen gevonden van maar liefst 385 miljoen jaar oud. Het stamt uit een tijd waarin insecten nog niet de grootste vijanden van planten waren.

Toen de Chicxulub-asteroïde 66 miljoen jaar geleden insloeg, was dat misschien nog maar het begin van de ramp. Nieuw onderzoek suggereert dat een wereldwijde stofdeken de hitte van de inslag vasthield en terugkaatste naar de aarde. Het gevolg? Wereldwijde natuurbranden die het einde van de dinosauriërs mogelijk al binnen enkele uren bezegelden.

ColumnNatuurwetenschappen

Bron van quantumkansen

Honderd zomers geleden deden kansen hun intrede in de quantummechanica. Dit gebeurde zonder veel fanfare: in een kort artikel van de theoretische fysicus Max Born uit Göttingen. Wetenschapsfilosoof Sylvia Wenackers schrijft over wat dit teweegbracht in de decennia daarna.

De ruimterots die 66 miljoen jaar geleden de dinosauriërs van de aardbodem veegde, blijkt veel zeldzamer te zijn dan gedacht. Onderzoekers identificeren haar als een uitzonderlijke meteorietsoort die nauwelijks op aarde gevonden wordt. Dat zet de deur open naar een nieuwe verklaring voor de massa-extinctie.

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven