Als geluk erfelijk is, wat kun je daar dan mee?

Als geluk erfelijk is, wat kun je daar dan mee?

Delen:

Graag breng ik mijn tijd door op plekken waar veel mensen samenkomen. Idealiter een plek waar gezinnen komen. Ik vind het prachtig om te kijken hoeveel kinderen op hun ouders lijken. In houding, in gedrag, in reactie op de situatie. Zonder dat ouders hun kinderen bewust les hebben gegeven in hoe ze moeten staan, lopen, zitten, zich gedragen en reageren, is de overeenkomst vaak indrukwekkend. Een uurtje families observeren geeft mijn geluksgevoel een boost.

Natuurlijk weten we al lang dat kinderen op hun ouders lijken. Ouders geven immers een deel van hun genetisch materiaal door, en in de meeste gevallen creëren ze ook de omgeving waarin kinderen opgroeien. Wereldwijd tweeling-familie-onderzoek laat duidelijk zien dat er geen sprake is van nature of nurture, maar altijd van een samenspel tussen genen en omgeving.

En het geluksgevoel? Is daar ook sprake van een samenspel van genen en omgeving? En ook daar is het antwoord: ja! Tweeling-familie-onderzoek laat zien dat veertig procent van de verschillen in geluksgevoel tussen mensen verklaard kan worden door genetische verschillen tussen mensen. De overige zestig procent staat op conto van verschillen in omgevingsinvloeden. Dat betekent ook dat mijn geluksgevoel niet jouw geluksgevoel is, en dat hetgeen mij gelukkig maakt, iets heel anders kan zijn dan bij jou.

Wat kunnen we daarmee? Als eerste is het belangrijk om te benadrukken dat erfelijkheid geen determinisme betekent. Genetische verschillen verhinderen niet dat alle mensen kunnen opschuiven met hun geluksgevoel. Met de juiste (zelf-)kennis, aandacht en interventies kan eenieder zijn geluksgevoel verbeteren. Maar we beginnen niet allemaal op hetzelfde punt. De ene persoon zal een zes aan zijn leven geven en mogelijk opschuiven naar een zeven, terwijl een ander door zijn/haar genetische aanleg op een zeven begint en wellicht opschuift naar een acht of zelfs een negen.

Voor de een is het makkelijker om zich gelukkig te voelen dan voor de ander

Ten tweede laat de erfelijke aanleg van geluksgevoel zien dat we allemaal verschillend zijn en dat het voor de een makkelijker is om zich gelukkig te voelen dan voor de ander. En dat de een gelukkig wordt van andere dingen dan de ander. Het respecteren van deze verschillen, het besef van deze verschillen tussen jou en een ander in ieder contact, zal de wereld mooier maken.

Maar het belangrijkste is dat we geluksgevoel niet altijd alleen als uitkomst zouden moeten beschouwen. Onze wellbeing society is zo ingericht dat we met allerlei dingen bezig zijn met als ultieme uitkomst geluk. Gegeven de genetische aanleg van geluk ben ik sterk van mening dat we bij geluksgevoel zouden moeten beginnen. Dus laten we eens exploreren of we het om kunnen draaien.

Op scholen eerst tijd, ruimte en oprechte aandacht voor hoe leerlingen en leerkrachten zich voelen voordat de (cognitieve) lessen worden ingepland en getoetst. In het bedrijfsleven eerst tijd, ruimte en oprechte aandacht voor hoe medewerkers zich voelen, voordat gesproken wordt over productie, targets, en winst. Bij de overheid eerst tijd, ruimte en oprechte aandacht voor hoe de mensen zich voelen voor je maatregelen doorvoert. Zo creëren we een maatschappij met geluksgevoel en welbevinden als beginpunt. En zelfs als katalysator waarmee we kunnen bereiken wat nu onmogelijk lijkt. Een maatschappij gebaseerd op wellbeing. Wie doet er mee?

Welke stoffen in je lichaam zorgen voor geluk?

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven