Jaloezie verdwijnt vanzelf

Jaloezie verdwijnt vanzelf

Delen:

Jaloersmakende ervaringen van anderen zijn vooral vervelend als ze nog moeten plaatsvinden. Als ze eenmaal geweest zijn, voelen we ons namelijk steeds minder jaloers. Zo blijkt uit onderzoek van Amerikaanse psychologen van de University of Chicago Booth School of Business.

Om tot die conclusie te komen voerden de psychologen een drietal experimenten uit. In het eerste moesten ruim 600 vrijwilligers zich inbeelden dat een goede vriend iets ging doen waar ze eigenlijk zelf van droomden. Denk aan het maken van een wereldreis, een droombaan, het kopen van een auto…De helft van de vrijwilligers moest aangeven hoe ze zich zouden voelen in de aanloop naar die jaloersmakende gebeurtenis. De andere helft deed datzelfde maar dan voor de dagen en weken erna. Wat bleek? Die laatste groep stelde zich voor minder jaloers te zijn dan de eerste groep.

In het tweede onderzoekje bevroegen de onderzoekers proefpersonen over jaloerse gevoelens rondom valentijnsdates in februari. Wederom zagen ze de jaloerse gevoelens groeien in de aanloop naar 14 februari. Op 15 februari daalde het jaloeziegehalte, en ook in de rest van februari bleef het erg laag.

Uit beide studies bleek ook dat frustraties, kwade bedoelingen en gevoelens van afkeer flink afnamen nadat de gebeurtenissen hadden plaatsgevonden. De deelnemers werden juist meer geïnspireerd, gemotiveerd en vonden het zelfs leuk voor de ander.

Mogelijk kunnen de resultaten helpen bij emotieregulatie. Uit het derde experiment bleek namelijk dat als je je inbeeldt dat de jaloersmakende ervaring al geweest is, gevoelens van jaloezie en stress afnemen.

Ook voor social media kan de studie nuttig zijn. Omdat iedereen daar alleen de beste momenten van zijn of haar leven laat zien, kan dat bij anderen jaloerse gevoelens opwekken. Dus door niet meer vooraf, maar juist naderhand iets over je wereldreis te posten, voorkom je mogelijk een boel benijd.

De bevindingen zijn gepubliceerd in Psychological Science.

Delen:

Mensen met een verslaving die rondzwerven op straten en pleinen en slapen in het park. Ze lijken met steed smeer te zijn. Klopt dat? En: hoe kun je mensen met complexe problematiek het beste helpen? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan Luna Van Suetendael.

Hoe kunnen kleuterleerkrachten de taalontwikkeling van jonge kinderen stimuleren? En welke rol spelen dagelijkse interacties daarin? Je leest het in deze blog van Saskia Bruyninckx.

Dit is een artikel van: OpgroeienBlog

Steeds meer scholen experimenteren met beweging tijdens de schooldag: een korte beweegpauze tussen twee lessen, of beweging tijdens de lesuren. Maar is dat wel efficiënt? Het antwoord uit de wetenschap is genuanceerd: beweging biedt vele kansen, mits het doordacht geïmplementeerd wordt.

Wat als je kind vaak druk, boos, stil of gevoelig is? Het heeft niet gewoon een slechte dag, maar het is zo, elke dag. Onder ouders aan de schoolpoort hoor je dan al snel: dat kind heeft een diagnose nodig. Maar klopt dat wel? Eos-redacteur Kim Verhaeghe vraagt het aan Liesbeth Gijsel, hoofdredacteur van Eos Psyche&Brein en auteur van het boek 'Druk, stil, gevoelig?'

Het gaat niet goed met jongeren. Ze hebben last van angsten, depressieve gevoelens en slaapproblemen. Komt dat door de smartphone en sociale media? Liesbeth Gijsel (Eos Wetenschap) vraagt het aan psycholoog Ernst Koster (UGent).

Een begroting opmaken lijkt tegenwoordig enkel te lukken als je meerdere dagen achter elkaar doorwerkt tot in de vroege uurtjes. Is dit echt een succesvolle manier van werken? En kunnen we de uiteindelijke beslissingen die genomen zijn vertrouwen, gezien het feit dat ze genomen zijn onder invloed van aanzienlijke mentale vermoeidheid en slaapgebrek?

Een op de vier jonge nieuwkomers voelt zich vaak of altijd eenzaam. Dat is twee tot drie keer vaker dan leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond. Toch ziet bijna niemand het. Zelfs leerkrachten en medeleerlingen zijn verrast door hoe groot en veelvoorkomend die eenzaamheid is.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

Theezetten lijkt vanzelfsprekend, maar weinig mensen kunnen vertellen hoe de waterkoker er exact uitziet of gebruikt wordt. Op het werk mijn vingers verbranden was een uitnodiging om daar eens dieper over na te denken.

Een architect ontwerpt gebouwen, toch? Dat niet alleen. Een architect kan ook mensen helpen om hun verlies een plaats te geven. Zo ontstaan persoonlijke herdenkingsplekken die betekenisvol blijven, ook al worden deze nooit gebouwd.

Dit is een artikel van: Vlaamse PhD Cup

En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

Nieuwsbrieven