Bij craniosynostosis groeien de naden van de schedel te snel dicht in de eerste levensjaren. Daardoor ontstaat onder meer een afwijkende schedelvorm. De aandoening, die in 3 tot 6 op de 10.000 geboortes voorkomt, wordt veroorzaakt door een mutatie in het zogenoemde TWIST1-gen. Momenteel valt ze enkel te behandelen met complexe chirurgie, waarna de schedel niet volledig geneest.
Amerikaanse wetenschappers¹ zijn er nu in geslaagd muismodellen met craniosynostosis te behandelen met stamceltherapie. Door gezonde stamcellen te plaatsen op de plekken waar de schedel van de muisjes vergroeid was (foto links), herstelde de afwijkende vorm na zes maanden (foto rechts). Ook na twaalf maanden waren de effecten nog zichtbaar. Daarnaast verhielp de behandeling typische leer- en geheugenproblemen en normaliseerde het de verhoogde druk op het brein. Voordat de behandeling getest kan worden op mensen, is er eerst nog meer dieronderzoek nodig, schrijven de wetenschappers in het vakblad Cell.
Noten
University of Southern California, Los Angeles, Verenigde Staten
Schrijf je in op onze nieuwsbrief
En blijf op de hoogte van de laatste inzichten in wetenschap en technologie.

